Klik hier om Veilig in de Ark Werkboek (PDF format 1.7MG).

Feiten over de ark van Noach

In dit hoofdstuk wordt een aantal belangrijke feiten in vraag- en antwoordvorm weergegeven. Zo doet u meer kennis op en u kunt zich voor bereiden op de vragen die kinderen u of elkaar zullen stellen.

  1. Waarom wordt Noachs ark een ‘ark’ genoemd?

    Het woord ‘ark’ komt van een Hebreeuws woord dat ‘kist’ betekent. Hetzelfde woord wordt ook gebruikt om het mandje te beschrijven waarin Mozes als kind in de Nijl dreef.
  2. Is Noachs ark hetzelfde als de ark des verbonds?

    Nee, dit zijn verschillende arken voor verschillende doeleinden. De ark des verbonds heeft Mozes laten bouwen om de Stenen Tafelen in te vervoeren, waarop God de Tien Geboden geschreven had.
  3. Wat voor hout is ‘goferhout’?

    ‘Maak u een ark van goferhout; met kameren zult gij deze ark maken; en gij zult die bepekken van binnen en van buiten met pek.’ (Genesis 6:14)
    Het is niet bekend van welke boom de houtsoort gofer afkomstig is. Sommigen denken dat ‘gofer’ verwijst naar lijm of naar de afdekking: het met pek aan elkaar lijmen van verscheidene lagen hout. Deze verklaring zou zeker passen bij Gods opdracht om de ark ‘van binnen en van buiten’ te bepekken. Dat is namelijk precies hoe multiplex tegenwoordig gemaakt wordt: een houtlaag wordt over een houtlaag geplakt (met de nerven kruislings ten opzichte van elkaar) en alle naden worden opgevuld met lijm. Een dergelijke constructie zou de ark sterker gemaakt hebben dan de stalen schepen van tegenwoordig.
    ‘Gofer’ zou ook kunnen komen van het Hebreeuwse woord ‘kofer’. Dat is het woord dat wordt gebruikt voor de pek van de ark, wat overeenkomt met ‘kafar’ (bepekken). Dat woord wordt later gebruikt voor ‘verzoening’. Met andere woorden, de ark werd ook bovennatuurlijk beschermd, van binnen en buiten bedekt door God. Dit is een prachtige vooruitwijzing naar de komst van de Heere Jezus. Hij kwam ruim 2000 jaar later op aarde om de mensen te redden.
  4. Wat voor ‘pek’ gebruikte Noach?

    Pek wordt gemaakt van koolteer, vergelijkbaar met het grondstof van asfalt. Maar als steenkool en olie pas zijn ontstaan tijdens de zondvloed, doordat planten, bomen en struiken massaal werden overspoeld en begraven, hoe kon Noach dan voor de zondvloed over pek hebben beschikt? In Europese landen werd pek eeuwenlang gemaakt door het koken van een mix van houtskool en het hars van bomen. Meer dan 1000 jaar lang werd dit in de scheepsbouw gebruikt om schepen waterdicht te maken. Hoewel we niet zeker weten welk materiaal Noach gebruikte, is het goed mogelijk dat het pek voor de ark op een soortgelijke manier werd gemaakt. Bijbelgetrouwe wetenschappers zijn van mening dat de hedendaagse ‘fossiele’ brandstoffen zijn ontstaan doordat planten en dieren tijdens de zondvloed werden begraven, verhit en samengeperst.
  5. Hoe groot was de ark van Noach?

    ‘En aldus is het, dat gij haar maken zult: driehonderd ellen zij de lengte der ark, vijftig ellen haar breedte, en dertig ellen haar hoogte.’ (Genesis 6:15) De meeste kinderbijbels en kleurplaten beelden de ark als een fl inke woonboot af. Maar de ark die in de Bijbel beschreven wordt, is gigantisch groot. Tot het einde van de negentiende eeuw is er (vermoedelijk) nooit een boot met zo’n grote waterverplaatsing (tonnage) en capaciteit gebouwd. Zelfs in vergelijking met de hedendaagse zeeschepen zijn de afmetingen van de ark nog steeds indrukwekkend: 137 meter lang, 23 meter breed en 13,7 meter hoog. Als je die getallen vermenigvuldigt, krijg je een inhoud van meer dan 43 duizend kubieke meter.
  6. Hoe lang is een el?

    De maateenheid ‘el’ staat voor de afstand van de middelvinger tot de elleboog. Deze lengte verschilt natuurlijk van persoon tot persoon, maar over het algemeen wordt een lengte van 45,7 centimeter aangehouden. Sommigen gebruiken voor de lengte van de ark een behoudender el van 44,5 centimeter, die door veel historici wordt gezien als de ‘gangbare, Hebreeuwse el’. De ‘lange, Hebreeuwse el’ mat 51,8 centimeter (een el plus een handbreedte, zoals in Ezechiël 40:5), in dat geval zou de ark nog groter zijn dan de maten aangegeven bij vraag 5. De oude, Nederlandse el was zelfs nog groter, circa 68 centimeter.
  7. Waar heeft Noach de ark gebouwd?

    ‘Door welke de wereld, die toen was, met het water van de zondvloed bedekt zijnde, vergaan is.’ (2 Petrus 3:6)
    Moderne fi lms en boeken laten de bouw van de ark plaatsvinden midden in een soort woestijnlandschap, vergelijkbaar met het Midden-Oosten. Men gaat er daarbij van uit dat de meeste gebeurtenissen in het Oude Testament plaatsvonden in die regio, omdat de ark landde op de berg Ararat. Noach zou dus in een vergelijkbare omgeving hebben geleefd. Maar als je daar van uitgaat, is de logische vraag: waar haalde hij al het hout vandaan voor de ark?
    De boeken en fi lms vergeten dat de zondvloed de aarde en alle bossen daarop heeft vernietigd. Vermoedelijk was er daarvoor één grote landmassa die werd verscheurd tijdens of na de zondvloed, zodat nieuwe ‘continenten’ ontstonden. Er bleef dus niets over van Noachs oorspronkelijke leefwereld. De aarde van voor de zondvloed was dus totaal anders, mooier en rijker (maar nog steeds gevuld met zonde en misdaad), dan de wereld van vandaag. Er waren zeker grote bomen in de buurt waar Noach zijn ark bouwde. Misschien zelfs groter dan de gigantische sequoia’s (reuzenpijnbomen) die we vandaag de dag kennen.
  8. Wat was de laadcapaciteit van de ark?

    Moderne vrachtschepen worden vaak geladen met stalen containers van ongeveer 2,5 bij 2,5 bij 12 meter (40-voets-container). Aangezien iedere container een inhoud van zo’n 75 kubieke meter heeft, zou de ark dus zo’n 575 van zulke containers kunnen bevatten. Dr. Henry M. Morris (oprichter van het Institute for Creation Research in San Diego) schat dat de capaciteit van de ark gelijk staat aan die van 522 vrachttreinwagons. In zijn boek The Genesis Flood geeft Morris bovendien aan dat er maar 146 wagons (elk in staat om 240 schapen te vervoeren) nodig waren om van alle 35.000 gewervelde basisdiersoorten te vervoeren, die aan boord van de ark moeten zijn geweest. Dit zou slechts 28% van de ruimte in de ark in beslag nemen. Er was dus nog genoeg ruimte over voor voedsel, water en leefruimte.
    Het is zelfs mogelijk dat er nog minder ruimte nodig is geweest. In het boek Noah’s Ark, a Feasability Study van John Woodmorapp wordt vermeldt dat minder dan 16.000 beesten nodig waren om de volledige variëteit van diersoorten te behouden.
  9. Hoe zagen de dekken van de ark eruit?

    ‘(…) met kameren zult gij deze ark maken; (…) gij zult ze met onderste, tweede en derde verdiepingen maken.’ (Genesis 6:14, 16)
    Omdat de ark een meer rechthoekige dan ronde scheepsromp had, zal ieder dek ongeveer even groot geweest zijn: ruim 3100 vierkante meter (137 bij 23 meter). Het totale oppervlak van de ark was dus meer dan 9300 vierkante meter, veel meer dan een voetbalveld, wat meestal een oppervlakte heeft van zo’n 7000 meter2. Rekening houdend met de dikte van plafonds en vloeren, had ieder dek waarschijnlijk een hoogte van minstens 4 meter, dat is anderhalve meter hoger dan het plafond in de meeste huizen. Hoewel de Bijbel ons niet vertelt hoe de dekken verdeeld waren, lijkt het logisch dat ieder dek een aantal lange gangen had, met aan beide zijden compartimenten en kamers.
  10. Waarom had de ark de vorm van een ‘kist’ in plaats van de vorm van een boot?

    In tegenstelling tot hedendaagse schepen, die zijn gebouwd op snelheid, brandstofbesparing en bestuurbaarheid, werd de ark gebouwd met slechts één doel: blijven drijven in de woelige wateren van de zondvloed. De ark was niet gestroomlijnd en had geen V-vormige romp, want dit zou de laadcapaciteit en de stabiliteit verminderen. Het kistvormige ontwerp van de ark had twee grote voordelen: maximale laadruimte en maximale stabiliteit. Een belangrijke bijkomstigheid van dit ontwerp is dat het makkelijker te bouwen is dan een schip met een ingewikkelde, gestroomlijnde vorm.
  11. Hoe bestuurde Noach de ark?

    ‘En de wateren namen de overhand, en vermeerderden zeer op de aarde; en de ark ging op de wateren.’ (Genesis 7:18)
    De ark had geen roer nodig, want Noach hoefde niet naar een bepaalde plek te varen. De ark hoefde slechts te blijven drijven en de levende wezens die aan boord waren veilig te bewaren. De ark had geen mast of motor, ook die waren overbodig: de hele wereld stond onder water en de vorm van het land onder water veranderde volledig door de vloed. Toen de ark eindelijk landde, stapten Noach en zijn familie een vreemde, onherkenbare wereld binnen.
  12. Hoe konden Noach en zijn zonen zo’n enorm schip bouwen zonder hulp van anderen?

    De Bijbel vertelt ons niet dat Noach en zijn zonen de ark helemaal alleen hebben gebouwd. Het is mogelijk dat Noach werklieden heeft ingehuurd. Maar ook dat Noach en zijn zonen de ark alleen gebouwd hebben. De lichamelijke kracht en de verstandelijke capaciteiten van de mens in de tijd van Noach waren minstens zo groot als in onze dagen en waarschijnlijk zelfs groter dan die van ons. Ze hadden ongetwijfeld een effi ciënte manier om bomen te kappen, hout te zagen, dit te bewerken en te transporteren. Hetzelfde geldt voor het opzetten van de grote structuur en de spanten die nodig zijn geweest. Als één of twee man twaalf weken nodig hebben voor het bouwen van een (houten) huis, wat zouden drie of vier man dan kunnen bereiken in bijna honderd jaar. De nakomelingen van Adam maakten ingewikkelde muziekinstrumenten, bewerkten metaal en bouwden steden. Hun gereedschappen, machines en technieken konden zich zeker meten met wat we vandaag de dag tot onze beschikking hebben.
  13. Wat voor gereedschap gebruikte Noach bij de bouw van de ark?

    ‘Hetgeen er geweest is, hetzelve zal er zijn, en hetgeen er gedaan is, hetzelve zal er gedaan worden; zodat er niets nieuws is onder de zon.’ (Prediker 1:9)
    Veel kinderbijbels beelden Noach en zijn zonen zwetend en zwoegend af, terwijl ze met ouderwetse zagen, hamers en beitels aan de gang zijn. Geen wonder dat het verhaal zo ongeloofwaardig lijkt! Noach mocht dan geen beschikking hebben over elektrisch en gemotoriseerd gereedschap, we kunnen er vrij zeker van zijn dat hij en zijn zonen een aantal zeer inventieve machines gebruikten bij dit enorme project. Machines waar wij tegenwoordig vol bewondering naar zouden kijken. Noachs bouwlocatie leek waarschijnlijk meer op een moderne timmerfabriek dan op een scheepswerf uit de oudheid. Hij kan best sneldraaiende cirkelzagen en andere werkbesparende precisiewerktuigen hebben gebruikt. Hoe is dat mogelijk? vraagt u zich misschien af. Als we de verbazingwekkend geavanceerde bouwwerken en andere prestaties van oude beschavingen onderzoeken, wordt duidelijk dat er sinds de zondvloed wellicht evenveel kennis en kunde verloren is gegaan, als we sinds die tijd hebben opgedaan. Het idee dat eerdere generaties primitiever waren, is een evolutionair idee. De werkelijkheid is dat God Adam perfect geschapen heeft. Ons huidige intellect heeft sindsdien te lijden gehad van 6000 jaar zonde en verval, hoewel computers dit voor een groot deel compenseren. Daardoor kunnen we nu meer informatie verwerken dan ooit tevoren. We zijn niet slimmer dan vroeger, maar onze kennis is over vele generaties uitgebreid.
  14. Wat voor soort energie had Noach voorhanden?

    ‘Is er enig ding, waarvan men zou kunnen zeggen: Ziet dat, het is nieuw? Het is alreeds geweest in de eeuwen, die voor ons geweest zijn.’ (Prediker 1:10) De oude beschavingen van voor de zondvloed kende ook technologie en wetenschap. Hun wereld was vermoedelijk gevuld met gebouwen, monumenten en wegen. We weten niet wat voor energie de mensen in Noachs tijd tot hun beschikking hadden, maar vermoedelijk zou het ons verbazen. Water zal vermoedelijk voorhanden zijn geweest, als een krachtige en effi ciënte energiebron.
    Voordat stroom in de ‘moderne tijd’ populair werd als energiebron, werd waterkracht gebruikt voor de aandrijving van hele fabrieken. Deze fabrieken waren gevuld met relatief complexe machines om ruwe materialen om te vormen tot consumentenproducten. Onze afhankelijkheid van elektriciteit is zowel een zwakte als een kracht van de hedendaagse maatschappij. De technologie in de dagen van Noach was vermoedelijk niet zo kwetsbaar als die van ons en kan in veel opzichten superieur zijn geweest.
  15. Heeft Noach misschien dieren gebruikt om de ark te bouwen?

    Vast en zeker. Net zo goed als ossen nog steeds worden gebruikt in plaats van tractoren, is het goed mogelijk dat Noach dieren die daarvoor geschikt waren, gebruikte bij het trekken, duwen, hijsen en verplaatsen van zaken. In sommige landen worden olifanten gebruikt voor het tillen en verplaatsen van boomstammen. Maar Noach heeft wellicht nog krachtiger dieren tot zijn beschikking gehad.
    Stel je voor wat een grote dinosauriër zou kunnen doen! (Bijvoorbeeld een triceratops met zijn grote slagtanden en het harde schild op zijn kop) Dit dier doen denken aan de grote dieselaangedreven bosbouwmachines van vandaag de dag. Als we in staat zouden zijn om terug te kijken in de tijd, zou het ons niet verbazen dat God veel schepsels heeft gemaakt, met inbegrip van enkele dinosauriërs, om de mens te helpen met bouwprojecten.
  16. De dinosauriërs waren toch allang uitgestorven?

    ‘Zie nu Behémoth, welken Ik gemaakt heb nevens u; hij eet hooi, gelijk een rund. Zie toch, zijn kracht is in zijn lenden, en zijn macht in den navel zijns buiks. Als het hem lust, zijn staart is als een ceder; de zenuwen zijner schaamte zijn doorvlochten. Zijn beenderen zijn als vast koper; zijn gebeenten zijn als ijzeren handbomen. Hij is een hoofdstuk der wegen Gods; (…) Zie, hij doet de rivier geweld aan, en verhaast zich niet; hij vertrouwt, dat hij de Jordaan in zijn mond zou kunnen intrekken.’ (Job 40:10-18)
    Nieuwe bijbelvertalingen vertalen het Hebreeuwse ‘Behémoth’ met nijlpaard, maar als we het woord beter bestuderen klopt daar niets van. De beschrijving past bij geen enkel hedendaags dier (laat staan bij een nijlpaard), maar wel bij enkele dieren die al zijn uitgestorven. Het zou passen bij een sauropod, zoals de apatosauriër (vroeger ook wel brontosauriër genoemd.) In dit gedeelte van het bijbelboek Job herinnert God Job aan Zijn macht. Daarbij gebruikt God voorbeelden waar Job mee bekend was. Het scheppingsverhaal (Genesis 1 en 2) vertelt dat alle landdieren op de zesde dag gemaakt werden, op dezelfde dag dat God Adam en Eva schiep. De Bijbel vertelt ons dat dinosauriërs niet alleen tegelijk met de mens geschapen werden, maar dat ze tot na de zondvloed (de tijd van Job) met de mensheid geleefd hebben. De voorouders van de Behémoth moeten dus aan boord van de ark zijn geweest.
  17. Waren sommige dinosauriërs dan geen gevaarlijke roofdieren?

    ‘En God zeide: Ziet, Ik heb ulieden al het zaadzaaiende kruid gegeven, dat op de ganse aarde is, en alle geboomte, in hetwelk zaadzaaiende boomvrucht is; het zij u tot spijze!
    Maar aan al het gedierte der aarde, en aan al het gevogelte des hemels, en aan al het kruipende gedierte op de aarde, waarin een levende ziel is, heb Ik al het groene kruid tot spijze gegeven. En het was alzo.’ (Genesis 1: 29-30)
    Er zijn prachtige boeken (voornamelijk in het Engels) die de vragen rond dinosauriërs veel uitgebreider bespreken dan dat hier mogelijk is.* Maar vanuit de Schrift is het duidelijk dat alle landdieren (inclusief de dinosauriërs), evenals Adam en Eva, geschapen werden als vegetariërs. Er was geen bloedvergieten en er waren geen ‘vleeseters’, voordat de zonde in de wereld kwam. De verhouding tussen de mens en de dieren veranderde na de zondeval in de Hof van Eden, maar volgens de Schrift was er pas sprake van ‘vrees’ en ‘verschrikking’ bij de dieren voor de mens na de zondvloed (Genesis 9:2). Dat was dus een verandering in de verhouding tussen mens en dier. Toen Noach de ark bouwde, was die vrees en verschrikking er niet.
    Deze nieuwe, ‘gezonde angst’ zou helpen (en noodzakelijk zijn) om na de zondvloed in leven te blijven. Dit gold zowel voor de mens, als voor het dier. Nadat ze de ark hadden verlaten, kwamen ze terecht in een nieuwe wereld waarin waarschijnlijk een sterke concurrentie bestond om het schaarse voedsel dat er in het begin was.
    Voordat dit ‘overlevingsinstinct’ ontstond, is het mogelijk dat mens en dier op een veel vriendschappelijker manier met elkaar omgingen. God had alle beesten immers geschapen om alleen groene planten te eten en niet om elkaar op te eten. Het is mogelijk dat ooit zelfs de grote dieren, inclusief de dinosauriërs, benaderbaar waren (Genesis 1:28).
    * Meer informatie, zoals een vertaling van het boek The great dinosaur mystery solved, is te vinden op www. scheppingofevolutie.nl.
  18. Hoe pasten de dinosauriërs in de ark?

    De meeste reptielen die we dinosauriërs noemen waren helemaal niet zo groot. Sommigen hadden het formaat van een kip al waren ze niet verwant aan de vogels! De meeste wetenschappers zijn het erover eens dat de dinosauriërs gemiddeld ongeveer even groot waren als een schaap. Maar allemaal zijn ze eens heel klein geweest, namelijk toen ze jong waren.
    De Heere God heeft Noach waarschijnlijk twee jonge apatosauriërs gestuurd, geen volgroeide. Hetzelfde geldt voor olifanten, giraffes en andere dieren die heel groot worden. En wat betreft het aantal verschillende soorten dinosauriërs: er zijn honderden namen gegeven aan verschillende soorten dinosauriërs die zijn ontdekt. Maar er waren waarschijnlijk minder dan 50 verschillende grondtypen. De andere soorten zijn in feite variaties binnen het geschapen grondtype.
  19. Hoe pasten de miljoenen diersoorten in de ark?

    ‘En gij zult van al wat leeft, van alle vlees, twee van elk, doen in de ark komen, om met u in het leven te behouden: mannetje en wijfje zullen zij zijn.’ (Genesis 6:19) De ark had een gigantische laadcapaciteit, maar hoeveel dieren zijn er eigenlijk aan boord geweest? God had niet gezegd dat alle soorten aan boord moesten gaan. Waterdieren (vissen, schelpdieren, walvissen, et cetera), insecten en veel amfi bieën kunnen de zondvloed buiten de ark hebben overleefd. Hierdoor wordt het aantal dieren dat meeging in de ark aanzienlijk kleiner.
    Een andere belangrijke factor is de volgende: de vele huidige soorten behoren tot een beperkter aantal grondtypen of oertypen (zie vraag 20). Er hoefden maar twee exemplaren van ieder grondtype aan boord van de ark te zijn, niet twee van iedere soort. Creationisten schatten het aantal dieren dat minimaal in de ark moet zijn geweest tussen de 16.000 en de 35.000.
  20. Wat is een grondtype?

    De Bijbel spreekt in Genesis 6:20 dat er van alle dieren ‘naar zijn aard’ (Hebreeuws: ‘miyn’) twee naar de ark zouden komen. Dit doelt volgens wetenschappers op het grondtype, de basissoort. Van ieder geschapen grondtype zouden er twee komen. Na de zondvloed zijn uit dit beperkte aantal grondtypen de vele soorten voortgekomen die we tegenwoordig kennen.
    Alle aan elkaar gerelateerde diersoorten behoren tot hetzelfde grondtype. Een voorbeeld: er bestaan wolven, coyotes, vossen, dingo’s en een groot aantal hondensoorten. Maar ze stammen waarschijnlijk allemaal van dezelfde voorouders af en behoren dus tot hetzelfde grondtype. Zo heb je ook het kattype, paardtype, koetype, enzovoort. God heeft de voorouders van iedere groep uitgerust met een grote, genetische variatie, waardoor uit ieder grondtype meerdere soorten zijn voortgekomen. God creëerde ook strikte grenzen tussen de grondtypes: dieren van verschillende typen kunnen samen geen vruchtbaar nageslacht krijgen.
  21. Op tekeningen in boeken is te zien dat er van alle dieren twee naar de ark kwamen, maar de Bijbel zegt dat sommige met zijn zevenen kwamen. Wie heeft er gelijk?

    ‘Van alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje. Ook van het gevogelte des hemels zeven en zeven, het mannetje en het wijfje, om zaad levend te houden op de ganse aarde.’ (Genesis 7:2-3)
    De Bijbel heeft gelijk. De meeste illustratoren en vertellers hebben dit feit gewoon over het hoofd gezien of het genegeerd, omdat ze de reden niet begrepen. God vertelde Noach dat er drie categorieën dieren aan boord zouden zijn: reine dieren, onreine dieren en vogels. Van de reine dieren kwamen drie paar –zes van elk- plus één extra.
    Deze dieren waren waarschijnlijk geschikt om te fokken en konden melk, leer en wol leveren. (Let op: pas na de zondvloed mochten de mensen vlees eten, zie Genesis 9:3-4.) Enkele van de reine dieren werden na de zondvloed gebruikt als offerdieren. Ook van de vogels had Noach er zeven (drie paar, plus één) aan boord. Alleen de onreine dieren (waarschijnlijk ‘wat op de aardbodem kruipt’ en de dieren die niet als vee werden gehouden) kwamen twee aan twee.
  22. Hoe konden Noach en zijn familie al die dieren verzamelen?

    ‘Van het gevogelte naar zijn aard, en van het vee naar zijn aard, van al het kruipend gedierte des aardbodems naar zijn aard, twee van elk zullen tot u komen, om die in het leven te behouden.’ (Genesis 6:20)
    Dit is een geweldig mooi gedeelte van het verhaal, omdat we de hand van God kunnen zien in wat hier gebeurde. De Bijbel vertelt dat Noach de dieren niet hoefde te zoeken. Hij hoefde geen verre reizen hoefde te maken om de dieren te verzamelen. De dieren arriveerden simpelweg zelf bij de ark, alsof ze door hun instinct geleid werden (een gedrag dat de Schepper in hen gelegd heeft). Ze liepen zo naar binnen.
    Hoewel dit een bovennatuurlijke gebeurtenis is (een gebeurtenis die niet verklaard kan worden door de werking van de natuurwetten), hoeven we er niet aan te twijfelen of God dit kan. Zelfs vandaag weten we nog lang niet het fi jne van dierengedrag binnen Gods schepping: de migratie van de Canadese gans en andere vogels, de trektochten van de koningsvlinder, de jaarlijkse reizen van walvissen en vissen, winterslaapinstincten, gevoeligheid voor aardbevingen en tsunami’s en vele andere fascinerende vermogens.
  23. Hoe kon Noach al die dieren verzorgen?

    Sommige verhalen laten zien hoe Noach en zijn familie haastig en druk in de weer zijn: ze sjouwnes ‘strobalen’ heen en weer om de dieren te voeren. Zou het leven op de ark echt zo hectisch geweest zijn? Zouden Noach en de zijnen werkelijk de hele dag bezig zijn geweest om de dieren te verzorgen? Ze zullen zeker wel wat te doen gehad hebben, de ark was immers een groot vaartuig met genoeg lading om mens en dier een jaar lang in leven te houden. Maar het bouwen van de ark is geen probleem geweest, hetzelfde gold voor de verzorging van de dieren.
    God had de dieren op bovennatuurlijke wijze naar de ark gebracht, Hij zal ze dus zeker ook hebben voorbereid op hun verblijf in de ark. Sommigen denken dat God de dieren de mogelijkheid gaf in winterslaap te gaan, zoals veel dieren tegenwoordig. De meeste dieren reageren op natuurrampen op manieren die hen helpen om te overleven. Voor de zondvloed gold hetzelfde: de meeste dieren waren niet gewend om lange tijd stil en rustig te zijn.
    Maar misschien hielp de techniek Noach ook wel: als we tijdens de bouw door de ark zouden kunnen lopen, zouden we waarschijnlijk verbaasd staan van de ingenieuze systemen voor de distributie van voedsel en water. Zoals John Woodmorappe in zijn boek, Noah’s ark: A Feasibility Study, uitlegt, kunnen boeren duizenden stuks vee houden op een relatief klein oppervlak. En deze boeren zouden waarschijnlijk nog wel het één en ander kunnen leren van Noach! Men kan zich gemakkelijk voorstellen hoe allerlei apparaten en machines het een klein aantal mensen mogelijk maakten een groot aantal dieren te verzorgen, van voedselvoorziening tot afvalverwerking. Hoe werden deze apparaten aangedreven? Door de zwaartekracht wellicht of door de wind of de beweging van de ark.
  24. Hoe kan een overstroming al het leven vernietigen?

    ‘En alle vlees, dat zich op de aarde roerde, gaf den geest, van het gevogelte, en van het vee, en van het wild gedierte, en van al het kruipend gedierte, dat op de aarde kroop, en alle mens. Al wat een adem des geestes des levens in zijn neusgaten had, van alles wat op het droge was, is gestorven.’ (Genesis 7:21, 22)
    De zondvloed was vernietigender dan enige andere regenstorm van veertig dagen lang ooit is geweest of zal zijn. Gods Woord zegt dat ‘alle fonteinen van de grote afgrond’ openbraken. Er was sprake van aardbevingen en vulkaanuitbarstingen! Kokend water en gesmolten lava spoten naar boven. Deze fonteinen werden pas na 150 dagen weer toegesloten. De aarde werd vijf maanden lang letterlijk omgewoeld.
    Hoe vernietigend tegenwoordige overstromingen, vulkaanuitbarstingen en aardbevingen ook zijn ze stellen niets voor vergeleken bij de wereldwijde catastrofe die de oorspronkelijke wereld verwoestte. Alle mensen en dieren die niet aan boord van de ark waren, kwamen om, en ze zijn als fossielen bewaard gebleven.
  25. Waarom kwam er niemand bij Noach aan boord?

    ‘En de oude wereld niet heeft gespaard, maar Noach, de prediker der gerechtigheid, zijn achttal bewaard heeft, als Hij de zondvloed over de wereld der goddelozen heeft gebracht.’ (2 Petrus 2:5)
    Tijdens de bouw van de ark waarschuwde Noach de mensen voor de zondvloed. Hij nodigde hen uit aan boord te komen. Misschien had hij zelfs wel kamers voor ze gebouwd! Vergeet niet dat er ruimte genoeg was, zelfs met de dieren en voorraden aan boord. Waarschijnlijk had de ark nog ruimte kunnen beiden aan honderden mensen, of zelfs aan duizenden. Maar de mensen waren goddeloos. Ze geloofden niet dat God hen zou straffen en vernietigen.
  26. Waar kwam het water vandaan?

    ‘In het zeshonderdste jaar des levens van Noach, in de tweede maand, op den zeventienden dag der maand, op dezen zelfden dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de sluizen des hemels geopend. En een plasregen was op de aarde veertig dagen en veertig nachten.’ (Genesis 7:11,12)
    De Bijbel zegt dat het water van twee plaatsen kwam: van uit de aarde en van boven de aarde. Het water van uit de aarde moet zich dus in grote, ondergrondse waterreservoirs bevonden hebben. Misschien waren deze ‘fonteinen’ ook de bron van de rivieren in de Hof van Eden.
    Er zijn verschillende theorieën over het water dat van boven kwam was. Sommigen denken dat zich boven de atmosfeer een waterdampgewelf bevond, dat tijdens de zondvloed condenseerde en instortte. De wetenschappers die dit geloven, zeggen dat dit waterdampgewelf de aarde beschermde tegen schadelijke straling en een broeikaseffect had. Bovendien zou dit waterdampgewelf grote temperatuurschommelingen voorkomen en de wind beperken tot een vriendelijk briesje.
  27. Andere mensen kunnen toch ook boten hebben gehad?

    Ongetwijfeld zullen veel mensen geprobeerd hebben op deze manier te overleven, maar ze hadden waarschijnlijk niet de beschikking over de grote, stevige boten die we tegenwoordig hebben. In Genesis 1:9 staat dat het water op één plaats vergaderd werd. Sommige wetenschappers suggereren dat het aardoppervlak ooit voor 25% uit water en voor 75% uit land bestond, terwijl we tegenwoordig drie keer meer water hebben dan land. Dus zou het voor de mensen voor de zondvloed niet nodig geweest zijn om grote oceaanschepen te bouwen, zoals we die tegenwoordig hebben. Kleine vissersbootjes en plezierjachten zouden het waarschijnlijk niet lang uithouden in het stormachtige weer van de zondvloed. En ook al zouden sommigen niet direct kapseizen, de opvarenden zouden niet kunnen overleven zonder voorraden. Het water stond 15 el boven de hoogste bergen, meer dan 7 meter. Gods doel van de zondvloed was de volledige uitroeiing van alle levende wezens buiten de ark. Daar zullen de omstandigheden het leven onmogelijk gemaakt hebben.
  28. Hoeveel tijd bracht Noach in de ark door?

    De tijd die in de ark werd doorgebracht, zoals beschreven in Genesis 6-9.
    De regen viel 40 dagen lang 40
    Het water bleef stijgen in de daaropvolgende 110 dagen 110
    Het water daalde daarna gedurende 74 dagen (uitgaande van 30 dagen in een maand) 74
    Na 40 dagen liet Noach een raaf uitvliegen 40
    Na nog eens 7 dagen stuurde Noach een duif 7
    Na weer 7 dagen werd de duif voor de tweede keer uitgezonden 7
    De duif werd voor de derde keer uitgezonden na nog eens 7 dagen 7
    Weer gingen er 29 dagen voorbij 29
    Er gingen 57 dagen voorbij vanaf de opening van het luik van de ark tot de laatste dag in de ark 57
    Het totaal aantal dagen in de ark was 371
     
  29. Waar is al het water gebleven?

    ‘Gij had ze met den afgrond als een kleed overdekt; de wateren stonden boven de bergen. Van Uw schelden vloden zij, zij haastten zich weg voor de stem Uws donders. De bergen rezen op, de dalen daalden, ter plaatse, die Gij voor hen gegrond had. Gij hebt een paal gesteld, die zij niet overgaan zullen; zij zullen de aarde niet weder bedekken.’ (Psalmen 104:6-9)
    Ook de niet-christelijke geologen spreken over waarnemingen waarbij het lijkt alsof de continenten in elkaar passen. Ze waren eens met elkaar verbonden en niet van elkaar gescheiden door grote oceanen. De krachten die tijdens de wereldwijde overstroming werkzaam waren, waren afdoende om die situatie te veranderen. God vormde de oceaanbekkens en deed het land omhoog rijzen, waardoor het water de oceaanbekkens instroomde. Sommige theologen denken dat Psalm 104 over deze gebeurtenis spreekt.
  30. Hoe zag de aarde er voor de zondvloed uit?

    ‘En God zag al wat Hij gemaakt had, en ziet, het was zeer goed.’ (Genesis 1:31)
    Op basis van de fossiele lagen vermoeden sommige christelijke wetenschappers dat er wereldwijd een tropisch klimaat heeft geheerst. Mogelijk was het klimaat over de hele wereld meer gelijkmatig. Hoewel we hier niet zeker van kunnen zijn, kunnen we er wel zeker van zijn dat de oorspronkelijke wereld ‘zeer goed’ was in Gods ogen.
    De aarde is nog steeds een prachtige, rijke planeet, maar het is duidelijk dat de zondvloed veel veranderd heeft. De huidige, extreme verschillen in klimaat en geografi e – van droge woestijnen, onbewoonbare bergtoppen en uitgestrekte ijsvelden tot vruchtbare valleien, tropische jungles en groene loofbossen – bestonden voor de zondvloed waarschijnlijk niet. Veel van de opmerkelijke, geologische structuren op aarde, zoals de Grand Canyon en andere natuurmonumenten, zijn getuigen van Gods grote oordeel. Hun schoonheid illustreert ook Gods genade en hun verscheidenheid toont Zijn heerlijkheid.
  31. Waar is het bewijsmateriaal voor de zondvloed?

    ‘Want willens is dit hun onbekend, dat door het Woord Gods de hemelen van overlang geweest zijn, en de aarde uit het water en in het water bestaande.’ (2 Petrus 3:5) Overal ter wereld vind je bewijsmateriaal voor de zondvloed, van oceaanbodems tot bergtoppen. De geologische eigenschappen van de aardkorst wijzen duidelijk op een catastrofaal verleden: van ravijnen en kraters tot steenkoollagen en grotten. Ongeveer 75 procent van de aardkorst is bedekt met sedimentair gesteente. Al die lagen van zand en ander materiaal, meestal afgezet door water, waren ooit zachte modder, maar zijn nu verhard tot steen. In die sedimentgesteenten vinden we miljarden fossielen van planten en dieren, die allemaal zeer snel begraven moeten zijn onder die neerzetting.
    Niet alle fossielen en aardlagen zijn het directe gevolg van de zondvloed. Sommige processen die na de overstroming in gang werden gezet – zoals veranderingen in vulkanische, seismische activiteit, klimatologische veranderingen, et cetera – zullen mogelijk pas eeuwen later weer in evenwicht gekomen zijn. In deze periode zullen er ook veel andere natuurrampen hebben plaatsgevonden, als nawerkingen van de zondvloed.
  32. Waar is de ark tegenwoordig? Is hij helemaal weggerot?

    ‘En de ark rustte in de zevende maand, op de zeventienden dag der maand, op de bergen van Ararat.’ (Genesis 8:4)
    De ark landde op het gebergte Ararat, dat is in het Midden-Oosten, in Oost -Turkije. Kennelijk landde de ark hoog op een helling, misschien zelfs op de berg Ararat zelf. Veel expedities hebben daar gezocht naar de ark en sommigen beweren delen ervan gevonden te hebben, maar er is nog geen sluitend bewijs dat de ark werkelijk nog bestaat. Het is dan ook al 4.000 jaar geleden dat de ark landde en hij zou al gemakkelijk vergaan kunnen zijn. Aan de andere kant is er ook een goede kans dat de ark nog bewaard gebleven is onder de eeuwige sneeuw en het ijs op de top van de berg Ararat. Schepen van Vikingen en van andere oude volken zijn grotendeels intact gevonden, na meer dan 1.000 jaar onder water te hebben gelegen! Andere antieke, houten boten zijn opgegraven door boeren en bleken nog voor 90 procent uit het originele materiaal te bestaan, na lange tijd onder de grond te hebben gelegen. Als gewone boten de tand des tijd zo lang kunnen doorstaan, hoe lang zal de ark, die gebouwd was om de zondvloed te doorstaan, de strijd tegen de elementen dan wel niet kunnen volhouden?
    De hoop om de ark te vinden op deze berg wordt gevoed door verschillende ‘waarnemingen’ door de jaren heen. In 1905 was er een ooggetuigeverslag van een schaapherder. In de Tweede Wereldoorlog beweerden piloten dat ze de ark hadden gezien toen ze over het gebergte vlogen. Het is maar de vraag of de ark zich werkelijk nog bevindt op de uitgestrekte hellingen van de Ararat. Maar zelfs als er tastbaar bewijs van de ark wordt gevonden, valt het te betwijfelen of het de mening van diegenen die sceptisch staan tegenover de Bijbel, zal veranderen. Jezus zelf zegt: ‘Als ze niet luisteren naar Mozes en de profeten, zullen ze zich ook niet laten overtuigen wanneer iemand opstaat uit de dood.’ (Lukas 16:31)
  33. Waarom vernietigde God de aarde die Hij gemaakt had?

    ‘En de HEERE zag, dat de boosheid des mensen menigvuldig was op de aarde, en al het gedichtsel der gedachten zijns harten te allen dage alleenlijk boos was.’ (Genesis 6:5)
    Dit vers spreekt voor zich. Ieder mens op aarde leefde in ernstige zonden, behalve Noach en zijn gezin. Het gevolg was Gods oordeel. Hoe streng dit oordeel ook was, iedereen had dit verdiend en er was geen verontschuldiging.
    God gebruikte de zondvloed ook om degenen die in Hem geloofden te louteren en af te zonderen van degenen die niet in Hem geloofden. Door de geschiedenis heen heeft dit zich telkens herhaald. Afzondering en loutering. Oordeel en redding. De geschiedenis herhaalt zich, zo gaat het gezegde, en het is absoluut waar. Zonder God en zonder de kennis en het inzicht van Gods Woord, is de mensheid gedoemd om steeds dezelfde fouten te maken. Maar als de mens deze kringloop herkent en de waarheid zoekt, dan kan hij gered worden door geloof in Gods plan.
  34. Hoeveel tijd ligt er tussen Adam en de zondvloed?

    Tussen de schepping en de zondvloed ligt slechts 1656 jaar. Dit is te berekenen op basis van de stambomen in Genesis 5. Het plaatje hierboven is een samenvatting van deze genealogie. Het linkergetal geeft de leeftijd van iedere man op het moment van de geboorte van zijn zoon (de volgende naam in de fi guur). Het rechtergetal is de leeftijd waarop de desbetreffende persoon stierf. Bijvoorbeeld: Adam was 130 jaar oud toen Seth werd geboren en stierf toen hij 930 jaar was. Als we de linker-leeftijden bij elkaar optellen, komen we op een totaal van 1558 tot de geboorte van de eerste zoon van Noach. Noach was toen 502 jaar. Omdat Noach 600 jaar was op het moment van de vloed, moeten we nog 98 jaar bij 1558 optellen. Dat geeft een totaal van 1656 jaar van Adam tot de zondvloed.
  35. Wat is Gods plan voor de mensheid?

    ‘Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. Want God heeft Zijn Zoon niet gezonden in de wereld, opdat Hij de wereld veroordelen zou, maar opdat de wereld door Hem zou behouden worden.’ (Johannes 3:16, 17)
    In de loop van de geschiedenis heeft God Zich aan de mens laten zien als almachtige, alwetende en alomtegenwoordige Schepper en als de Heere van het heelal. Maar door alle verschrikkelijke gebeurtenissen in de geschiedenis heen – die uiteindelijk allemaal het resultaat zijn van de zondeval van Adam – heeft God Zich ook getoond als liefdevol, geduldig en nabij. God heeft Zich herhaaldelijk aan de mens geopenbaard, maar de mens heeft Gods plan altijd afgewezen. De ultieme afwijzing kwam toen de Heere Jezus hier op aarde leefde. Hij vertelde de mensen over God en deed wonderen om Zijn woorden kracht bij te zetten. Zonder reden hebben ze Hem gekruisigd tussen twee moordenaars, simpelweg omdat Hij zei wie Hij was: ‘Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot de Vader, dan door Mij.’ (Johannes 14:6)
  36. Hoe lijkt Jezus op de ark?

    ‘Want de Zoon des mensen is gekomen om zalig te maken, dat verloren was.’ (Mattheüs 18:11)
    Gods Zoon, Jezus Christus, is als de ark: Hij kwam om datgene wat verloren was te zoeken en te redden. Noach en zijn familie werden gered door de ark. Net zo zal iedereen die gelooft in Jezus, als Heere en Redder, gespaard blijven bij het laatste oordeel dat de mensheid zal treffen. Bij dat oordeel zal vuur de aarde vernietigen.
  37. Nog een oordeel voor de aarde? Was de zondvloed niet genoeg?

    ‘Want gelijk zij waren in de dagen voor de zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot den dag toe, in welken Noach in de ark ging; En bekenden het niet, totdat de zondvloed kwam, en hen allen wegnam; alzo zal ook zijn de toekomst van de Zoon des mensen.’ (Mattheüs 24:38, 39)
    Helaas niet. Nadat Noach en zijn familie aan land gegaan waren, verwierpen hun nakomelingen opnieuw Gods wet en waarheid. Ze begonnen afgoden te aanbidden. In plaats van zich over de aarde te verspreiden, zoals God had bevolen, bouwden ze een grote toren als een symbool van hun opstand. Om hen uiteen te drijven verwarde God hun taal. De toren kreeg de naam Babel, en zo staat deze gebeurtenis nog steeds bekend: de Babylonische spraakverwarring. Zo ontstonden de vele talen en culturen die we nu kennen.
  38. Waarom zijn veel mensen niet bang voor het komende oordeel?

    ‘Dit eerst wetende, dat in het laatste der dagen spotters komen zullen, die naar hun eigen begeerlijkheden zullen wandelen, En zeggen: Waar is de belofte Zijner toekomst? Want van dien dag, dat de vaders ontslapen zijn, blijven alle dingen alzo gelijk van het begin der schepping.’ (2 Petrus 3:3,4)
    Dat is een goede vraag, met een eenvoudig antwoord. Spotters geloven de waarheid over het verleden gewoon niet, en daarom geloven ze ook niet de toekomst de wwarheid. De anti-God- en anti-Christushouding beheerst tegenwoordig onze cultuur, zoals duidelijk te zien is aan de muziek, fi lms, tijdschriften, computerspelletjes, kleding, etc.
    Het denken en doen van deze generatie - beïnvloed door occulte denkpatronen en amusement - wordt in een snel tempo ‘te allen dage alleenlijk boos’ (Genesis 6:5). Zelfs christenen zijn meer en meer gelijk aan de wewerkboekje reld geworden. De apostel Paulus behandelde meer dan 1900 jaar geleden hetzelfde probleem in zijn brief aan de Romeinen: ‘Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode welbehagelijke offerande, welke is uw redelijke godsdienst. En wordt dezer wereld niet gelijkvormig; maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds, opdat gij moogt beproeven, welke de goede, en welbehagelijke en volmaakte wil van God zij.’ (Romeinen 12:1, 2)
  39. Wat is Gods plan voor ons?

    Hoewel de geschiedenis soms verwarrend en ingewikkeld lijkt, is Gods plan om ons van de zonde te redden eenvoudig. Als we zien hoe de mens God telkens heeft afgewezen, beseffen we dat we zonder de waarheid vernietigd zullen worden. ‘Want de bezoldiging der zonde is de dood, maar de genadegift Gods is het eeuwige leven, door Jezus Christus, onzen Heere.’ (Romeinen 6:23)
    Uit eigen kracht kunnen we niet gered worden. ‘Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods.’ (Romeinen 3:23) We kunnen onze redding niet verdienen of met onze goede daden een kaartje naar de hemel kopen. ‘Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave; Niet uit de werken, opdat niemand roeme.’ (Efeziërs 2:8,9) Het enige wat wij moeten doen, is onze zonden belijden, geloven dat Jezus onze Schepper, Redder en Heere is en ons vertrouwen alleen in Hem stellen. ‘Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden de Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden.’ (Romeinen 10:9)
    Dit is Gods wens voor iedereen, ook voor u en jou. ‘De Heere vertraagt de belofte niet (gelijk enigen dat traagheid achten), maar is lankmoedig over ons, niet willende, dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen.’ (2 Petrus 3:9) Zelfs de ergste zondaar zal vergeving ontvangen als hij God zoekt: ‘Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, dat Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.’ (1 Johannes 1:9)
  40. Hoe kunnen wij gered worden?

    Zoals al beschreven de in verzen hierboven, is verlossing vrije genade van God. Het is de Heere die redt, maar wij moeten geloven in en vertrouwen op de Heere Jezus Christus. We moeten erop vertrouwen dat Zijn dood, begrafenis en opstanding de enige betaling is voor onze zonden. Bidt tot God dat Hij je een nieuw hart geeft. Hij zal je gebed zeker verhoren en je geloof schenken. De Heere Jezus zegt immers zelf: ‘die tot Mij komt, zal Ik geenszins uitwerpen.’ (Johannes 6:37)
  41. Hoe weten wij of we het eeuwige leven hebben ontvangen?

    ‘En dit is de getuigenis, namelijk dat ons God het eeuwige leven gegeven heeft; en ditzelve leven is in Zijn Zoon. Die den Zoon heeft, die heeft het leven; die de Zoon van God niet heeft, die heeft het leven niet. Deze dingen heb ik u geschreven, die gelooft in de Naam des Zoons van God; opdat gij weet, dat gij het eeuwige leven hebt, en opdat gij gelooft in de Naam des Zoons van God.’ (1 Johannes 5:11-13)
  42. Wil je meer weten over de zondvloed?

    Kijk dan eens op een van de volgende sites:

Lesideeën bij de geschiedenis van de ark

De hieronder beschreven activiteiten kunnen los van elkaar gebruikt worden of in combinatie van elkaar. Sommige verwerkingen sluiten goed op elkaar aan en kunnen in eenzelfde les gepresenteerd worden. Ze zijn verdeeld in ideeën voor de onderbouw (4-8 jaar) en de bovenbouw (8-12) van het basisonderwijs.

Lesidee 1 - Verleiding

Groep: onderbouw
Tijdsduur: 15-30 minuten
Lesdoel: verleidingen weerstaan. De kinderen ervaren wat het is om alleen te staan.
Benodigdheden: grote zak snoepjes. Op de zak kan ‘verleiding’ geschreven worden, of iets dergelijks.

Verwerking:

Hierna gaat de zak met snoepjes rond, waarbij alle kinderen er één uitpakken en opeten, terwijl één kind het afwijst.

De leerkracht stimuleert de kinderen om elkaar op zo veel mogelijk manieren te verleiden tot het nemen van een snoepje. Hij moet goed zijn best doen om stand te houden!

Afsluiting:

De leerkracht legt uit dat het soms moeilijk kan zijn de om verleiding te weerstaan en te doen wat God vraagt, vooral als al onze vrienden het niet zo nauw nemen. Maar als we toegeven aan de verleiding, zullen we gestraft worden, net als alle slechte mensen in de tijd van Noach.

Lesidee 2 - Dieren in de ark

Groep: onderbouw
Tijdsduur: 30 minuten
Onderwerp: dieren van de ark
Benodigdheden: (liefst dik) papier, restjes stof in dierenkleuren (bruin, zwart, grijs, wit en wat felle kleuren)

Beginsituatie:

Instructie: De leerkracht verdeelt de groep in tweetallen. Deze tweetallen overleggen zachtjes welk dier zij uitbeelden.

Introductie:

De leerlingen proberen samen uit hoe ze het best het door hun gekozen dier kunnen uitbeelden. Denk aan geluid, manier van voortbewegen, grootte, vorm, etc. De leerkracht observeert, terwijl de kinderen bezig zijn en kiest twee of drie leuke uitbeeldingen uit. Deze kinderen mogen het voor de klas voordoen.

Verwerking:

Hierna deelt de leerkracht vellen papier uit, waarop de kinderen hun zelfgekozen dier tekenen met potlood en beplakken met stof, zodat het net echt lijkt. Dit kan individueel gedaan worden of in tweetallen.

Afsluiting:

De leerkracht verzamelt de gemaakte dieren en laat ze aan de groep zien. Wie weet nog hoe de dieren uitgebeeld zijn? Zou iemand een andere manier weten om een bepaald dier uit te beelden? De leerkracht zingt met de kinderen één van de liederen over Noach.

Lesidee 3 - De ark uit

Groep: onderbouw
Tijdsduur: 15 minuten
Onderwerp: dieren de ark uit
Benodigdheden: bijbelvers om te onthouden, grote doos als ‘ark’, een aantal knuffeldieren (afhankelijk van de lengte van het vers), een Bijbel voor elk kind, afplakband, dikke stift, een aantal stukken papier (afhankelijk van de lengte van het vers)

Beginsituatie:

De leerkracht heeft op elk knuffeldier een stukje afplakband geplakt, waarop een letter (of een gedeelte van het vers) geschreven staat. Deze knuffels zijn verstopt door de hele ruimte. Een grote doos als ark staat op een tafel of bureau. Op de stukken papier staan precies dezelfde letters of woorden als op elk dier; één per dier.

Instructie:

De leerkracht deelt de stukken papier uit. De kinderen moeten nu het dier gaan zoeken dat bij hun papiertje past. Als ze eventueel een andere vinden, laten ze die gewoon liggen. Als ze het juiste dier gevonden hebben, lopen ze naar de ark en doen het dier erin, totdat alle dieren gevonden zijn.

Verwerking:

Nu vraagt de leerkracht aan de kinderen wat er eigenlijk op de papiertjes staat. Kunnen ze de letters in de goede volgorde leggen? Plak ze met plakband of Pritt posterbuddies in de goede volgorde aan de muur of op het bord. Nu mag het kind van het eerste papiertje zijn dier eruit halen en op tafel zetten, met de letters goed leesbaar naar voren. Daarna komt de tweede en de derde, tot het vers compleet is. De kinderen zeggen het vers een aantal keer samen op. De leerkracht kan de dieren een keer goed door elkaar schudden en dan aan een kind vragen om ze weer in de goede volgorde te zetten.

Afsluiting:

De kinderen zoeken het vers op in de Bijbel en proberen het voor zichzelf te lezen. Er kan afgesloten worden met een lied.

Opmerking:

Het lezen zal niet bij alle groepen mogelijk zijn. De leerkracht kan ervoor kiezen om het zelf voor te lezen. Hij kan dan wel laten zien hoe het vers opgezocht wordt: boek, hoofdstuk, versnummer.

Voor de kinderen die kunnen lezen, kan er een werkblad gemaakt worden, waarbij het bijbelvers als een puzzel in elkaar gezet moet worden. Als de vormen van de puzzelstukken goed te zien zijn, kunnen zelfs kinderen die nog niet goed lezen kunnen, het proberen.

Mogelijke bijbelverzen om uit het hoofd te leren:

Genesis 6:8, 6:22, 7:4, 7:12, 8:1, 8:11, 8:15-16, 8:21 (een gedeelte eruit), 9:12 -13.

Lesidee 4 - De regenboog

Groep: onderbouw
Tijdsduur: 30 minuten
Onderwerp: de regenboog
Benodigdheden: kartonnen wegwerpbordjes, verf of viltstiften

Beginsituatie:

De leerkracht heeft van tevoren de bordjes in de vorm van een regenboog geknipt, of een lijn erop getekend, zodat de kinderen het uit kunnen knippen. Schrijf er met een zwarte stift op: ‘God houdt Zijn beloften.’

Instructie:

Groepsgesprek over de regenboog. De leerkracht legt de oorsprong van de regenboog uit (een teken aan de hemel, omdat er geen wereldwijde overstroming meer zou komen). Wanneer zien wij nu de regenboog? (Als het regent en de zon schijnt). Wie weet welke kleuren er allemaal in de regenboog zitten? Schrijf ze op het bord of kleur vlakjes in de goede volgorde (Rood, oranje, geel, groen, blauw, violet, indigo).

Verwerking:

De kinderen kleuren hun ‘regenboog’ in met stiften of verf. Wijs ze op de juiste volgorde van de kleuren.

Afsluiting:

Als ze klaar zijn, kan er een touwtje aan de regenboog bevestigd worden, zodat de kinderen hem thuis op kunnen hangen. Er kan een lied over de ark gezongen worden.

Lesidee 5 - Bijbelse getallen

Groep: bovenbouw
Tijdsduur: 30 minuten
Onderwerp: bijbelse getallen rond het verhaal van Noach
Benodigdheden: werkblad, Bijbels

Beginsituatie:

De kinderen hebben voor zichzelf in hun Bijbel het verhaal van Noach gelezen (Genesis 6-8).

Instructie:

De leerkracht deelt de werkbladen uit. De kinderen zoeken de gegeven getallen op in het verhaal van Noach en schrijven dan achter het getal op wat het getal in dit verhaal inhoudt. Daarna vermelden ze het vers waarin het getal staat.

Verwerking:

De kinderen maken het werkblad. Er kan in tweetallen gewerkt worden. Er kan ook voor gekozen worden om de kinderen eerst zoveel mogelijk getallen uit het hoofd te noemen, voordat ze die in hun Bijbels opzoeken.

Afsluiting:

Het werkblad wordt gezamelijk besproken.

Lesidee 6 - Woordzoeker

Groep: bovenbouw
Tijdsduur: 30 minuten
Onderwerp: de ark, engels
Benodigdheden: woordzoeker
Instructie: zoek de Engelse woorden in deze woordzoeker
S S S R B S E O
M R L A R K U F C G
M O U A L K D O I J W I
U A M V G U E L R J
C T D S I N S I A N L T A U A R A R A T
S U L D Y T O N T I E H D T P V M E M P
J B R O A N A I P H G O A H T E Z L
F F I R I I M O E M I G O E Y H N I
W S B T N D X N E I R W L T K S M H
R B S S E Y N R A A U F H K E W
N N E G F T Z C T I E G A A B S
H D Y I R E E H N V N M L M
J V B W O R L D B O A T R S
O H V F F L O O D A P V
B W H F T D W B O H
Animals-dieren Ararat-Ararat Ark-ark
Birds-vogels Boat-boot Creeping-kruipende
Cubits-maat Death-dood Destroy-vernietigen
Dinosaurs-dinosauriers Dove-duif Float-drijft
Flood-zondvloed Forty-veertig Fountains-fonteinen
God-God Grace-genade Ham-Cham
Japheth-Jafeth Judgment-oordeel Life-leven
Man-man Mountains-bergen Noah-noach
Rainbow-regenboog Raven-raaf Righteous-rechtvaardig
Salvation-redding Shem-Sem Sin-zonde
Water-water Wife-vrouw World-wereld

Overige activiteiten

  1. Gebruik een lint om de afmetingen van de ark aan te geven: 137 meter lang, 23 meter breed en 13,7 meter hoog. Koop een heliumballon en knoop hem aan een draad van 13,7 meter en laat hem zweven om te laten zien hoe hoog de ark was. Dit moet buiten worden gedaan in verband met de ruimte die nodig is.
  2. Maak een tijdlijn van de gebeurtenissen tijdens de zondvloed, die laat zien hoe lang het regende, hoe lang de aarde onder water stond, hoe lang Noach en zijn familie aan boord van de ark waren, enzovoorts (zie hiervoor het boek ‘Veilig in de ark’).
  3. Maak klassikaal een stamboom, vanaf Adam tot Noach. Trek eventueel een lijn door naar de geboorte van Christus en andere belangrijke personen in de (bijbelse) geschiedenis (zie hiervoor het boek ‘Veilig in de ark’).
  4. Onderzoek een aantal ‘vloedlegenden’ die verspreid over de wereld worden aangetroffen. In welke opzichten verschillen en komen ze overeen met het ware verslag in Genesis?
  5. Maak een muurcollage waarbij de kinderen verschillende dieren vouwen van vouwblaadjes die dan ‘in’ de ark geplakt kunnen worden.
  6. Er wordt weinig aandacht besteed aan de dieren onder de ark. Maak van een behangrol de onderkant van de ark boven de ramen in het lokaal, waarbij de ramen dan ‘water onder het oppervlak’ zijn. Laat de kinderen met raamverf of allerlei soorten vissen schilderen. Als verf geen optie is, maak dan vissen van dik papier of dun karton, die vervolgens opgehangen worden aan de bovenkant van het raamkozijn.

Werkblad bij lesidee 5

Lees Genesis 6 tot en met 8 in je eigen Bijbel. Schrijf op waar de getallen in het verhaal passen en vermeld het vers erbij. Het eerste getal is al voor je gedaan!

Getal: Waar past dit getal in het verhaal? bijbelvers:
3 zonen van Noach Genesis 6:10
300
50
30
2
40
7
600
150
601
Bonus: deze moet je zelf uittellen!
8

Antwoorden bij werkblad

3 zonen; Genesis 6:10
400 ellen, lengte van de ark; Genesis 6:15
50 ellen, breedte van de ark; Genesis 6:15
30 ellen, hoogte van de ark; Genesis 6:15
2 van elk soort; Genesis 6:19 en andere verzen
40 dagen en nachten dat het regende; Genesis 7:4, 12, 17
7 dagen tot het begon te regenen; Genesis 7:4
dagen totdat Noach de duif weer uit liet vliegen; Genesis 8:10
tweetallen dieren om te offeren; Genesis 7:2
600 leeftijd van Noach toen de zondvloed begon; Genesis 7:11
150 dagen dat de aarde bedekt was met water; Genesis 7:24
601 leeftijd van Noach toen hij de ark na de vloed verliet; Genesis 8:13
8 mensen gered door de ark; Genesis 6:18, 7:13 – het getal zelf wordt niet genoemd.